Vergrijpboete voor geschatte omzet

Als een ondernemer in de btw-aangifte een schatting aangeeft en niet de werkelijke omzet dan kan de inspecteur besluiten een vergrijpboete op te leggen. In een specifieke zaak oordeelde rechtbank Gelderland dat er sprake was van grove schuld.

De inspecteur legde naar aanleiding van een boekenonderzoek naheffingsaanslagen en een vergrijpboete op aan een belastingadviseur, omdat de btw aangiften niet aansloten bij de administratie van de onderneming. De omzet in de aangiften waren door de man geschat en aan deze schattingen lagen geen berekeningen ten grondslag. De man was het niet eens met een aantal correcties en een geweigerde teruggaaf en maakte bezwaar tegen de naheffingsaanslagen. Ook tegen de opgelegde vergrijpboete maakte hij bezwaar.

Gezien de adviseur niet aannemelijk had gemaakt dat de betreffende kosten waren gemaakt, oordeelde de rechtbank dat de inspecteur de teruggaaf terecht had geweigerd. De vergrijpboete bleef ook in stand. De rechtbank oordeelde dat er sprake was van een aan opzet grenzende onachtzaamheid. Aangiften omzetbelasting behoren niet te worden gedaan op basis van niet onderbouwde schattingen en dient de ondernemer suppletieaangiften in te dienen bij aansluitverschillen. De adviseur had dit niet gedaan dus de rechtbank oordeelde dat er sprake was van grove schuld wat een vergrijpboete rechtvaardigde.

 

Bron: Rechtbank Gelderland

Admarcon
Herenweg 29-O
2105 MB Heemstede

Postbus 432
2100 AK Heemstede

Telefoon 023 - 529 38 36
Telefax 023 - 529 59 37
E-mail: info@admarcon.nl

Routebeschrijving
 
© Alle rechten voorbehouden.
Ehio Media content marketing